Terug

Shoot

‘Je ziet er prachtig uit,’ zei ze tegen me en gaf me een knipoog die me haast deed kokhalzen. ‘Werkelijk wonderbaarlijk, zo zie ik ze niet vaak.’ Ik keek Lisa aan, zij haalde haar schouders op en maakte een wegwuifgebaar met haar hand. Alleszins beter dat dan een ikvermoordjevannachtinjeslaapgebaar, dacht ik en keerde me weer naar de vrouw. ‘Ga nu eens liggen,’ zei ze en ik deed wat ze vroeg. Ook zij ging liggen, maar haar dreadlocks hingen als een door vocht beschimmeld gordijn voor de lens van haar toestel. ‘Fuck,’ zei ze en sloeg de dingen achter haar hoofd. Voor geen goud zou ik die dingen aanraken, bedacht ik. Al kreeg ik de rest van mijn leven elke maand drie ton waarmee ik alle tijd en ruimte zou hebben mijn debuut te schrijven (dat overigens moet gaan gelden als hét boek van de eenentwintigste eeuw), dan nog zou ik die dingen niet aanraken. Haar bruine haar maakte dat sommige delen van haar dreads sprekend leken op zaken die normaliter, achterwaarts uitgeblaft, vrolijk van vrijheid en verlossing, in de toiletpot liggen na te dampen. Ze klikte een paar keer en keek verliefd naar haar schermpje waarna ze naar me toeliep en me de foto’s liet zien. Lisa, die ook naar de plaatjes op het kleine schermpje wilde kijken, werd subtiel door de vrouw weggehouden. Ze draaide met haar rug naar Lisa toe en zei iets. Welke woorden ze precies gebruikte weet ik niet meer, maar ik herinner me dat ik niets liever wilde dan opgeslokt worden door een sinkhole.

‘Fotograferen is meer dan plaatjes schieten,’ had ze me tijdens het kennismakingsgesprek een klein uur eerder toevertrouwd. ‘Ik moet de mensen ook een beetje geruststellen, ik moet ervoor zorgen dat ze hun echte ik tonen.’ Echte ik, halleluja, dacht ik. ‘Nee zeker,’ zei ik daarentegen, ‘de echte ik, dat is van levensbelang voor een fotograaf. Dat begrijp ik zo.’ De vrouw, overigens verder alleen gekleed in een soort gewaad met een lelijke mandala erop, keek verrukt. ‘Jij snapt het,’ zij ze teder, ‘en dat verbaast me helemaal niets.’ In plaats van haar aan te kijken, staarde ik naar de dreadlocks en fantaseerde kort maar krachtig over de kracht van een tondeuse. ‘Ach,’ zei Lisa. ‘Laten we beginnen met de sessie.’

Die avond stuurde ze de foto’s die ze gemaakt had, naar me op. ‘Bedankt voor het tonen van je echte ik,’ schreef ze. ‘Ik heb genoten.’ Haar mail sloot ze af met drie kusjes. Ik sloeg de laptop dicht en probeerde te vergeten, maar de echte ik in mij hing kotsend van afschuw boven een afwasteiltje, een straaltje slijm bungelend aan de onderlip. Niet bepaald fotogeniek.



Terug